De ochtendzon laat de bergen nog mooier kleuren dan zijn grijze broertje van gisteren. Heerlijk geslapen onder een dik dekbed. De haan die overijverig de hele nacht het ochtendbreken aankondigde, kan mijn euforische gevoel niet doen afnemen. Ik laat de zonnestralen mijn vitamine D aanvullen terwijl ik al denk aan het afscheid van deze parel. Het ontbijt is al even goed als het diner. Dit is een topplek.
Minzaam nemen wij afscheid van Abdou en uit zijn gebrekkige Engels met Franse tongval snappen wij dat hij om een mooie review verzoekt. De man hoeft dit eigenlijk niet te vragen, want deze locatie krijgt de beste recensie die ik ooit heb kunnen geven. Tabee en au revoir.
Wij dalen de berg af en rijden terug richting Marrakech. Het doel is de woestijn: Agafay. De tip om de lange route te verkiezen boven de korte in verband met de kwaliteit van de weg, heb ik strak in mijn oren geknoopt. Eerst maar even tanken en bij het eerste tankstation krijgen wij al de kous op de kop; ze hebben niet de juiste brandstof. Gelukkig is er bij de tweede die wij aandoen genoeg voorraad.
Relaxed rijden wij door. Als de navigatie een nieuwe route aanbiedt, gaat wat in mijn oren geknoopt is direct de deur uit. De waarschuwingen slaan ons nu om de oren: gaten in de weg waar een volwassene zich soms goed in kan verstoppen. Het is wat onpraktisch, maar gelukkig nog niet zo erg als onze trip in Maleisië naar de Mossy Forest. Maar goed, een rallyrijder voel ik mij wel. Op weg naar Dakar, gezien de locatie niet eens zo’n gekke gedachte.
Als wij het laatste grindpad afrijden, bereiken wij het einddoel: We Agafay. De roodgroene bergen zijn veranderd in gele heuvels, hier en daar geaccentueerd door een groen bosje. De tent waar wij vanavond slapen, heeft alle luxe en een mooi uitzicht.
Alleen moet ik wel even de definitie van een woestijn goed nakijken. AI claimt de definitie dat het een extreem droog gebied behelst waar jaarlijks minder dan 200 millimeter aan regen valt. Waarom wij dan, afgaand op de telling van de regendruppels op de tent, al driekwart van deze hoeveelheid hebben meegemaakt? Of wij zijn ietwat ongelukkig, of wij zitten niet echt in de woestijn. Wie zal het zeggen.
Aangezien het op een paar verzamelde verblijven na redelijk uitgestorven is, eten wij op het verblijf – voor een in deze regio dure prijs van 30 euro p.p. – een maaltijd. Het is niet onverdienstelijk, maar niet zo goed als gisteren. Alles wordt heerlijk muzikaal omlijst door lokale topartiesten; het lijken ons een opa, zoon en kleinzoon. Na een avondvullend programma hoor ik de metalen castagnetten nog in mijn slaap. En alsof dat nog niet alles is, durft een vuurspuwer binnen haar vlammen tot aan het plafond te laten reiken (een houten plafond nog wel). Waar is de Nederlandse veiligheid als je hem nodig hebt?
De dag gaat als een vuurtje uit en wij lopen in de regen naar onze tent. Het romatische ritme op het tentdoek, met de metalen klanken als tinnitus, sust mij in slaap. Morgen naar de kust, morgen naar Essaouira.