Het is weer komkommertijd, en dat is goed te merken aan het schaarse aanbod van kwalitatieve televisie op de lineaire platforms. Door deze teloorgang word ook ik — een vijftigplusser met van oudsher een sterke drang om gezamenlijk rond het 'kampvuur' te zitten — getrokken naar platforms waar ik on-demand kan kiezen voor schermvertier. Ik ben niet zo stoffig dat het concept van on-demand mij onbekend of onbemind is, maar dat de verschuiving er langzaam insluipt, valt mij terdege op.
De algehele tendens om mij heen is dat mensen nagenoeg geen lineaire televisie meer kijken. Is er dan nog wel toekomst voor het aloude 'gezellig met z'n allen aan de buis gekluisterd zitten'? Of zijn we vanaf nu veroordeeld tot het zoeken naar de serie of film met de beste reviews op de on-demandplatforms? Daarnaast vraag ik mij af in hoeverre deze verschuiving invloed heeft op onze maatschappij.
Ik heb de ontwikkeling bewust meegemaakt: van slechts twee Nederlandse televisienetten naar het woud aan media-opties dat vandaag de dag beschikbaar is. Hoe bijzonder was het eigenlijk dat je op een avond alleen naar een specifieke omroep met een eigen ideologische inslag kon kijken? Niks 'bingewatchen'; soms moest je een week wachten op de volgende aflevering van bijvoorbeeld The A-Team. En kun je je nog voorstellen dat kindertelevisie alleen op woensdegartext werd uitgezonden? Ik wel. Nu is kindercontent vrijwel onbeperkt beschikbaar op elk denkbaar apparaat. Een waardeoordeel laat ik hierover in het midden, want dat heb ik niet direct.
De lineaire televisieconsumptie is in de loop der tijd enorm toegenomen en de kijker hobbelde mee. In 2012 werd het piekmoment bereikt met gemiddeld 205 minuten (bijna 3,5 uur) tv-kijken per dag per volwassene. Gevoelsmatig is dat nog niet eens zo lang geleden. Vandaag de dag ligt de consumptie van lineaire tv op ongeveer 118 minuten per dag, maar de verschillen tussen generaties zijn reusachtig. Het is geen verrassing dat de kloof diep is; de ervaringen binnen mijn eigen gezin zijn daarin vrij stereotype. De leeftijdscategorie van 13 tot 34 jaar kijkt 60 tot 70 procent minder lineaire tv vergeleken met 15 tot 20 jaar geleden. Dat sluit naadloos aan bij mijn eigen waarneming.
Is er met deze cijfers in de hand nog wel toekomst voor lineaire tv? De berichten dat publieke en commerciële omroepen zich moeten heroriënteren en bezuinigen, zijn alom bekend. De toekomst van lineaire tv ligt mijns inziens niet in de entertainmenthoek. Die content wordt immers steeds meer on-demand opgevraagd; de iconische 'Veronica Mei-Filmmaand' past simpelweg niet meer bij de spanningsboog van de huidige jeugd.
Lineaire netten zullen het veel meer moeten hebben van opinie, nieuws en live sport of evenementen. Die inhoudelijke verdieping verschuift niet zo snel naar on-demand. Waarom? Omdat het minder 'sexy' is en zich lastig laat verkopen als een snel, vluchtig product.
Daar zie ik een risico ontstaan waarbij de demografische scheiding een belangrijke rol speelt. Verschillende wereldbeelden worden de generatiekloof in geworpen, waardoor de polarisatie in de maatschappij toeneemt. Waar lineaire tv door het principe van accidental exposure (het toevallig in aanraking komen met een andere mening) nog zorgde voor een breder perspectief, verdwijnen jongere generaties nu in de algoritmes van korte, losse berichten op online platforms. Influencers voeden daar continu hetzelfde vertrouwde wereldbeeld.
Ik beweer niet dat de traditionele lineaire tv de heilige graal was. Ook daar waren 'influencers' — noem ze redacteuren — die de beeldvorming beïnvloedden, vaak gedreven door kijkcijfers. Maar door de diversiteit aan politieke stromingen binnen het omroepenstelsel kwam je tenminste nog in aanraking met een tegengeluid. Het 'algoritme' was in elk geval zichtbaar.
Welk strijdplan er op tafel moet komen om de polarisatie en de generatiekloof in de perceptie van maatschappij, overheid en instituties te overbruggen, weet ik ook niet direct. Het is alleen overduidelijk dat deze beweging al jaren gaande is. Als we niet alert blijven op deze kloof, gaan we ten onder aan het bekende 'vroeger was alles beter' — een cliché waar ik als jongere altijd verre van wilde blijven. Mijn grijze haren hoeven niet de voeding te zijn voor die gedachte, maar als we de invloed van algoritmes niet kritisch blijven bevragen, zal die uitspraak ons vanzelf gaan vormen.
Maar goed, nu eerst maar eens kijken wat er op tv is.